Rol van de zorgverlener

  • Welke zorgverleners spelen een rol bij besluiten over onvrijwillige zorg?
    Bij de besluitvorming over opname van onvrijwillige zorg in het zorgplan en over verlenging van de periode waarin onvrijwillige zorg kan worden verleend, spelen meerdere zorgverleners een rol als beslisser, als overlegpartner, als adviseur of als beoordelaar.
  • Is de Wzd ook van toepassing op ouders die zorg verlenen aan hun kind?
    Nee, de Wzd is alleen van toepassing op zorgverleners die beroepsmatig zorg verlenen.
  • Wat is de rol van de zorgverantwoordelijke?
    De Wzd bepaalt dat de zorgaanbieder voor iedere cliënt een zorgverantwoordelijke aanwijst. Diens taak beschrijft de Wzd als volgt: ‘de zorgverantwoordelijke draagt zorg voor het opstellen, het vaststellen, het uitvoeren, het evalueren en zo nodig het periodiek aanpassen van een zorgplan en het voeren van overleg met de cliënt en zijn vertegenwoordiger voorafgaand daarover en het inrichten van een dossier voor de cliënt’. De zorgverantwoordelijke heeft de rol van beslisser. Zijn bevoegdheid om besluiten te nemen is echter beperkt doordat hij anderen moeten raadplegen en goedkeuring van anderen nodig heeft. Wie de functie van zorgverantwoordelijke kan vervullen wordt geregeld in uitvoeringsregelgeving. De minister van VWS heeft toegezegd dat de functionarissen die nu het zorgplan kunnen vaststellen dat in de toekomst ook kunnen doen.
  • Wat is de rol van ‘een deskundige van een andere discipline’?
    De Wzd bepaalt dat de zorgverantwoordelijke op basis van multidisciplinair overleg beslist over opname van onvrijwillige zorg in het zorgplan. De zorgverantwoordelijke moet dus overleggen met een deskundige van een andere discipline dan de zijne. Wie dat is laat de wet open. De deskundige van een andere discipline heeft de rol van overlegpartner van de zorgverantwoordelijke. Hij moet betrokken worden bij ieder besluit tot opname van onvrijwillige zorg in het zorgplan en bij ieder besluit tot verlenging van de termijn waarin die onvrijwillige zorg verleend kan worden. In uitvoeringsregelgeving kunnen nadere eisen gesteld worden waaraan deze deskundige moet voldoen.
  • Wat is de rol van ‘een bij de zorg betrokken arts’?
    Als de zorgverantwoordelijke zelf geen arts is, kan hij bepaalde vormen van onvrijwillige zorg alleen in het zorgplan opnemen als een bij de zorg betrokken arts daarmee heeft ingestemd. Het betreft: medisch of therapeutisch handelen, beperking van de bewegingsvrijheid  en insluiting. Deze instemming moet ook gevraagd worden bij iedere verlenging van de periode waarin onvrijwillige zorg wordt verleend.
  • Wat is de rol van ‘een niet bij de zorg betrokken deskundige’?
    De niet bij de zorg betrokken deskundige heeft geen rol bij de besluitvorming over opname van onvrijwillige zorg in het zorgplan, maar wel bij besluiten over verlenging van de periode waarin onvrijwillige zorg kan worden verleend. Van hem wordt de frisse blik van een buitenstaander verwacht, waardoor wellicht nieuwe inzichten ontstaan waardoor onvrijwillige zorg niet meer nodig is. De niet bij de zorg betrokken deskundige heeft de rol van overlegpartner van de zorgverantwoordelijke. De wet stelt als enige eis dat het om een deskundige gaat die niet bij de zorgverlening aan de cliënt is betrokken. Het mag dus iemand zijn met dezelfde functie als de zorgverantwoordelijke. In uitvoeringsregelgeving kunnen nadere eisen gesteld worden aan deze deskundige.
  • Wat is de rol van een externe deskundige?
    Een externe deskundige moet twee keer bij de besluitvorming betrokken worden: de zorgverantwoordelijke moet zijn advies inwinnen als hij overweegt om onvrijwillige zorg in het zorgplan op te nemen en als het niet lukt om de verlening van onvrijwillige zorg binnen zes maanden af te bouwen. De externe deskundige heeft de rol van adviseur van de zorgverantwoordelijke.
  • Wat is de rol van de Wzd-functionaris?
    De zorgverantwoordelijke moet een zorgplan waarin hij onvrijwillige zorg wil opnemen ter beoordeling voorleggen aan de Wzd-functionaris. De Wzd-functionaris beoordeelt of het zorgplan voldoet aan het uitgangspunt dat onvrijwillige zorg zoveel mogelijk wordt voorkomen en of het zorgplan geschikt is om ernstig nadeel te voorkomen. Is dit zijns inziens niet het geval, dan moet de zorgverantwoordelijke het zorgplan wijzigen.  De Wzd-functionaris toetst het zorgplan niet alleen als de zorgverantwoordelijke opname van onvrijwillige zorg in het zorgplan noodzakelijk vindt, maar ook bij iedere verlenging van de periode waarin onvrijwillige zorg verleend kan worden.
  • Kan de Wzd-functionaris deel uitmaken van de raad van bestuur?
    De Wzd bepaalt dat de Wzd-functionaris onafhankelijk van de zorgorganisatie moet zijn. De Wzd- arts kan dus geen lid zijn van raad van bestuur van de organisatie waar hij als Wzd-functionaris werkzaam is.
  • Wat zijn het deskundigenoverleg en het uitgebreid deskundigenoverleg?
    De Wzd gebruikt de term ‘deskundigenoverleg’ voor het overleg dat de zorgverantwoordelijke voert met de deskundige van een andere discipline over opname van onvrijwillige zorg in het zorgplan. Met de term ‘uitgebreid deskundigenoverleg’ wordt het overleg aangeduid dat de zorgverantwoordelijke voert over verlenging van de periode waarin onvrijwillige zorg wordt verleend. De uitbreiding bestaat hierin dat ook de niet bij de zorg betrokken deskundige daaraan deelneemt. De zorgverantwoordelijke moet de cliënt of zijn vertegenwoordiger in de gelegenheid stellen om aanwezig te zijn bij zowel het deskundigenoverleg als bij het uitgebreid deskundigenoverleg.
  • Heeft de cliënt of zijn vertegenwoordiger een rol bij de besluitvorming over onvrijwillige zorg?
    De Wzd bepaalt dat de zorgverantwoordelijke zich inspant om instemming met het zorgplan te verkrijgen van de cliënt. Als de cliënt hierover zelf geen weloverwogen besluit kan nemen, is de instemming van diens vertegenwoordiger nodig. Wordt die instemming niet verkregen, dan kan de zorgverantwoordelijke de besluitvormingsprocedure starten om de zorg desondanks in het zorgplan op te nemen. Bij die procedure staan de cliënt en zijn vertegenwoordiger niet buiten spel. De Wzd bepaalt dat de zorgverantwoordelijke de cliënt of zijn vertegenwoordiger in de gelegenheid moet stellen om aanwezig te zijn bij het deskundigenoverleg dat plaatsvindt over opname van onvrijwillige zorg in het zorgplan. Dit geldt eveneens voor het uitgebreid deskundigenoverleg dat gehouden wordt over iedere verlenging van de termijn waarin onvrijwillige zorg wordt verleend. Als de cliënt en zijn vertegenwoordiger in de loop van de besluitvormingsprocedure hun verzet tegen de zorgverlening staken, is geen sprake meer van onvrijwillige zorg. Het zorgplan kan dan weer halfjaarlijks geëvalueerd worden op basis van overleg met de zorgverantwoordelijke. Is de cliënt wilsonbekwaam en voorziet het zorgplan in toediening van gedrag beïnvloedende/ sederende medicatie in strijd met een professionele richtlijn, een beperking van de bewegingsvrijheid of insluiting, dan is evaluatie in het uitgebreid deskundigenoverleg altijd nodig, ook als de cliënt of zijn vertegenwoordiger zich daartegen niet meer verzetten.