Wat zijn vrijheidsbeperkingen?

Vrijheid hoort bij de universele rechten van de mens. Mensen hebben vrijheid van meningsuiting, bewegingsvrijheid en vrijheid om hun eigen leven in te richten. TIjdens een gedwongen opname worden vrijheden soms beperkt, zoals het recht op bewegingsvrijheid en het recht op contact. 

Vrijheden staan in de Grondwet

In de Nederlandse Grondwet zijn de vrijheden vastgelegd:

Vrijheden tijdens een gedwongen opname

Een gedwongen opname op grond van de Wet Bopz zelf is een ingrijpende beperking van iemands vrijheid.

In de wet is geregeld dat cliënten tijdens een gedwongen opname post mogen ontvangen, mogen bellen en/of bezoek ontvangen. De behandelaar kan deze vrijheden niet zomaar beperken (art 40 Wet Bopz).

Wanneer worden vrijheden beperkt?

Een behandelaar kan de vrijheden van een gedwongen opgenomen cliënt alleen beperken:

  • Om te voorkomen dat de gezondheid van de cliënt ernstig in gevaar komt.
  • Om te voorkomen dat de cliënt iets strafbaars doet.
  • Om de orde in het ziekenhuis te bewaren.

Daarbij moet de cliënt zo min mogelijk belast worden. Als een cliënt bijvoorbeeld niet alleen naar buiten mag, kunnen er vaste tijden afgesproken worden waarop de cliënt met een begeleider naar buiten gaat. Zorgverleners moeten zich dan wel aan die afspraken houden, of de cliënt op tijd informeren als het niet lukt.

Beperking van de bewegingsvrijheid

Een gedwongen opgenomen cliënt heeft het recht om in en rond de zorginstelling te bewegen. Een beperking daarvan valt onder dwang.

Denk bijvoorbeeld aan:

  • Een verbod om alleen naar buiten te gaan. De cliënt mag dan alleen onder begeleiding over het terrein van de instelling lopen.
  • Een verbod om alleen van de afdeling af te gaan.

Wanneer kan de bewegingsvrijheid beperkt worden?

  • Als de behandelaar de bewegingsvrijheid gevaarlijk vindt voor de gezondheid van de cliënt.
  • Om te voorkomen dat de cliënt iets strafbaars doet, zoals drugs verkopen.
  • Om de orde in de instelling te bewaren (bijvoorbeeld bij een risico op agressie).

Post controleren op gevaarlijke voorwerpen

Tijdens een opname in de instelling kunnen cliënten post ontvangen. Die vrijheid kan niet beperkt worden. De normale privacy-regels gelden. Maar soms mogen zorgverleners de post wel openen om te kijken of er gevaarlijke voorwerpen zijn meegestuurd. Zij mogen de post niet lezen. De cliënt moet erbij zijn.

Beperking van bezoek en telefoneren

Tijdens een gedwongen opname hebben cliënten recht op contact met mensen buiten de instelling.

De behandelaar kan het recht op contact alleen beperken als:

  • Het contact erg slecht is voor de gezondheid. De cliënt maakt zich bijvoorbeeld zo druk aan de telefoon dat hij uitgeput raakt.
  • Het contact de orde in het ziekenhuis verstoort. Het bezoek maakt een cliënt bijvoorbeeld zo onrustig dat hij medecliënten lastig valt. Of als de mobiele telefoon tijdens groepstherapie gaat en daardoor de therapie stoort.
  • Hij wil voorkomen dat de cliënt iets strafbaars doet. Bijvoorbeeld als hij anderen telefonisch bedreigt.

Beperking op internetgebruik

De behandelaar kan afspraken met de cliënt maken over het gebruik van internet. Bijvoorbeeld een maximale tijd per dag. Deze afspraken zet hij in het behandelplan. Dit kan alleen als de cliënt het met de afspraken eens bent.

Personen met wie de cliënt altijd contact mag opnemen

De cliënt mag altijd contact opnemen met:

De behandelaar en de zorgverleners mogen dit contact dus niet verbieden.