Bewegingsvrijheid van cliënten in het verpleeghuis

Cliënten mogen binnen en buiten de instelling rondlopen, als zij daartoe in staat zijn. Vrijwillig opgenomen cliënten kunnen ook zelf van het terrein af.

Onder begeleiding naar buiten

De behandelaar kan bepalen dat er altijd iemand mee moet als een cliënt naar buiten wil. Dat kan een zorgverlener zijn, maar ook een familielid.

Sommige cliënten mogen alleen naar buiten als ze een briefje met naam en adres in de jaszak hebben of een SOS-armband of -ketting dragen.

Op de afdeling blijven

Als de behandelaar het niet verantwoord vindt dat een cliënt de afdeling af gaat, dan kan hij de bewegingsvrijheid beperken. De cliënt moet dan op de afdeling blijven.

De behandelaar mag dit alleen doen als het echt niet anders kan. Soms is er een omheinde tuin bij een gesloten afdeling, zodat de cliënt wel in de buitenlucht kan komen.

Een gedwongen opname betekent overigens niet automatisch dat een cliënt altijd binnen moet blijven. Veel gedwongen opgenomen cliënten kunnen met begeleiding naar buiten.

Cliënten die weglopen

Bij een vrijwillige opname

De cliëntmag weg gaan als hij dat wil. Vindt de behandelaar het gevaarlijk als de cliënt uit de instelling vertrekt? Dan kan hij een inbewaringstelling (ibs) aanvragen.

  • Met een ibs kan de cliënt gedwongen worden om in de instelling te blijven.
  • Na het indienen van de aanvraag mag u de cliënt direct tegenhouden, ook als de ibs nog niet is toegekend.
  • Na toekenning van de ibs is er sprake van een gedwongen opname in de instelling.

Bij een opname via artikel 60

Als een cliënt is opgenomen via een artikel 60-procedure, mag u hem niet zomaar tegen houden als hij uit de instelling weg wil. Ook dan moet de behandelaar eerst een inbewaringstelling (ibs) aanvragen.

Bij een gedwongen opname

Een gedwongen opgenomen cliënt mag niet zelf uit de instelling weg gaan. Hij heeft daarvoor toestemming nodig van de behandelaar. U mag de cliënt tegenhouden als hij op eigen initiatief wil vertrekken. 

Als de cliënt toch zonder toestemming vertrekt, moet de behandelaar dat direct melden bij de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd en bij de officier van justitie.

  • De officier kan besluiten om de politie in te schakelen, afhankelijk van het gevaar van de situatie (voor de cliënt zelf of voor anderen).
  • De politie gaat op zoek naar de cliënt. Ook informeren ze meestal familieleden, de wettelijke vertegenwoordiger en zorgverleners.
  • Het is taak van de politie om de cliënt zo snel mogelijk terug te brengen naar de instelling.