Weerstand en agressie bij mensen met dementie

Dementie kan allerlei gedragsveranderingen met zich meebrengen. Weerstand en boosheid komen daarbij vaak voor. Ook mensen van wie u het helemaal niet zou verwachten, kunnen onredelijk en agressief worden. Voor mensen in de omgeving is het vaak moeilijk om hier goed mee te leren omgaan.

Machteloosheid en angst kunnen leiden tot agressie

Iemand die dementeert voelt zich vaak erg machteloos en angstig. Dingen die altijd vanzelfsprekend waren, lukken niet meer. De wereld is niet meer vertrouwd, hij raakt de grip op zijn eigen leven kwijt. Het is niet vreemd dat hij hier erg boos van wordt. Agressie is een manier om te verwerken wat er allemaal gebeurt.

De patiënt kan ook pijn hebben, maar niet snappen wat er aan de hand is. Ook dit kan agressie oproepen.

Vat agressie niet persoonlijk op

Het is belangrijk om altijd goed te beseffen dat de agressie niet op u als persoon is gericht, ook al lijkt het misschien wel zo. De agressie is een gevolg van de ziekte.

Omgaan met agressie

Hieronder staan enkele adviezen om agressief gedrag te voorkomen en om zo goed mogelijk te reageren als iemand toch agressief wordt.

In de praktijk werken deze adviezen vaak, maar het is niet altijd gemakkelijk om ze vol te houden. Het vraagt veel geduld en soms ook creativiteit.

Regelmaat en rust

  • Een vaste dagindeling geeft houvast en kan verwarring en boosheid voorkomen.
  • Verander geen dingen in huis, tenzij het nodig is om de omgeving veiliger te maken. Voor de dementerende is de wereld al verwarrend genoeg, probeer hem in zijn eigen omgeving zo veel mogelijk houvast te bieden.

Communicatie

  • Stel geen vragen die de dementerende niet kan beantwoorden.
  • Ga serieus in op de frustratie en boosheid die de dementerende ervaart. Toon begrip en laat weten dat u snapt dat hij het erg moeilijk heeft.
  • Uw eigen houding kan agressie bij de ander veroorzaken. Door vermoeidheid of machteloosheid kan uw toon misschien wat gebiedend over komen, of vraagt u iets wat de dementerende niet kan. Dat is voor iedereen heel begrijpelijk, maar niet voor de dementerende. En door zijn ziekte weet hij op veel momenten niet meer hoe hij zich ‘normaal’ gedraagt. Probeer op uw eigen houding te letten, en vraag eventueel aan iemand in uw omgeving om u hier feedback op te geven.

Kalmeren

  • Stel de dementerende gerust wanneer hij bang is.
  • Blijf zelf rustig wanneer de dementerende agressief is. Maak geen onverwachte bewegingen, doe alles langzaam en praat kalm.
  • Als het enigszins kan is het goed om de ruimte te geven aan de agressie. Probeer een manier te vinden waarop hij de agressie veilig kan uiten. Tegenhouden maakt de problemen vaak alleen maar groter.
  • Als de dementerende zijn agressie richt op andere mensen of op dieren, is ingrijpen natuurlijk wel nodig.
  • Houd uzelf steeds onder controle als u bij de dementerende bent. Als u zelf ook boos wordt, versterkt u de agressie bij de ander. Het is wel goed om een uitweg te vinden voor uw eigen verdriet, machteloosheid en boosheid, maar doe dat in een aparte omgeving, als de dementerende niet in de buurt is.

Afleiding

Afleiding kan helpen om de spanning weg te nemen. Bijvoorbeeld even samen buiten gaan wandelen, een kop koffie gaan drinken of een spelletje gaan doen.

Huisdieren werken vaak kalmerend op dementerenden. Bedenk wel dat de dementerende zelf niet verantwoordelijk kan zijn voor de verzorging van een huisdier. Het is ook niet altijd verantwoord om hem alleen te laten met een dier.

Let op andere oorzaken

Boosheid en agressie kunnen ook veroorzaakt worden door pijn of een ziekte. Iemand die erg in de war is, snapt niet meer wat pijn is en kan er erg boos om worden. Het is goed om dit regelmatig met de arts te bespreken en goed te letten op signalen bij de dementerende. De huisarts of een verpleegkundige van de thuiszorg kan u helpen om deze signalen te leren herkennen.