Dwang in de zorg bij psychische problemen
Homepage Dwang in de zorg - In opdracht van Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
 
 
Info

Wat betekent dit voor: cliënt familie professional

professional

Hoe lang mag een cliënt gedwongen vocht of voeding krijgen?

Gedwongen vocht en voeding moet altijd zo kort mogelijk duren. Een arts bepaalt hoe lang dat is.

Duur

Hoe lang een behandelaar een cliënt gedwongen vocht en voeding mag geven, hangt af van de reden voor de dwangmaatregel.

Acuut gevaar door een psychische ziekte
Gedwongen vocht en voeding bij acuut gevaar mag zolang de gezondheid van de cliënt ernstig in gevaar is. De maatregel moet stoppen zodra er geen gevaar meer is en mag maximaal zeven dagen duren. Deze vorm van dwang valt onder ‘middelen en maatregelen’ uit de wet Bopz (art 3 Besluit middelen en maatregelen Bopz). Na zeven dagen mag de behandelaar een dwangbehandeling starten als de gezondheid van de cliënt nog in gevaar is.  

Dwangbehandeling
Gedwongen vocht en voeding als dwangbehandeling valt onder de wet Bopz. Hoe lang deze dwangbehandeling mag duren hangt af van de reden: wordt de dwangbehandeling ingezet om gevaar op te lossen dat tijdens het verblijf in de instelling is ontstaan (intern gevaar), of omdat de cliënt anders te lang opgenomen zou blijven (extern gevaar). Zie ‘Wat is dwangbehandeling’ voor een uitleg.

  • Om gevaar in de instelling weg te nemen
    Eet of drinkt een cliënt te weinig? De behandelaar zal voor de cliënt een behandelplan opstellen om het eetprobleem te behandelen. Hij kan daarin ook aangeven dat de cliënt desnoods gedwongen eten en drinken krijgt als hij onder een bepaald gewicht komt. Komt de cliënt onder dit gewicht en weigert hij nog steeds om te eten en drinken? Dan kan het behandelplan onder dwang toegepast worden. Dit mag alleen als de cliënt gedwongen is opgenomen en er sprake is van gevaar. Het gevaar moet ook komen door een psychische ziekte. Deze vorm van dwangbehandeling mag alleen als het echt niet anders kan, en mag niet langer duren dan nodig. Er geldt geen maximum termijn. Het moet stoppen zodra het gevaar weg is.

  • Om te voorkomen dat de cliënt te lang opgenomen blijft
    Is de cliënt gedwongen opgenomen en eet of drinkt hij zo weinig dat zijn gezondheid gevaar loopt? De behandelaar zal dan inschatten of gedwongen voedsel of vocht de cliënt voldoende zal helpen om snel op te knappen zodat hij met ontslag kan. Deze vorm van dwangbehandeling mag in eerste instantie maximaal drie maanden duren (art 38c lid 2 Bopz). Als de behandelaar daarna verlenging nodig vindt, dan moet de geneesheer-directeur daarover beslissen. Een langdurige dwangbehandeling gebeurt dus op basis van een medische beoordeling van de geneesheer-directeur. Beslist de geneesheer-directeur dat de cliënt nog langer dwangbehandeling moet krijgen, dan mag hij deze weer met maximaal drie maanden verlengen. Hij moet dan wel aangeven waarom hij denkt dat de behandeling er toch nog voor gaat zorgen dat de cliënt sneller naar huis kan. In die drie maanden moet de behandelaar wel telkens blijven evalueren of de dwang nog echt nodig is. Na die drie maanden mag het ook nog verlengd worden, maar dan moet de geneesheer-directeur er weer opnieuw naar kijken. Hij mag het dan weer met maximaal drie maanden verlengen. In de wet staat niet hoe vaak de geneesheer-directeur de dwangbehandeling mag verlengen. Wel moet hij steeds beter aangeven waarom hij denkt dat de behandeling alsnog het gewenste effect heeft, namelijk dat de cliënt met ontslag kan.

Ernstig nadeel voor de gezondheid
Misschien eet of drinkt de cliënt niet om een heel andere reden, dus niet als gevolg van een psychische ziekte. Ook dan kan de gezondheid van de cliënt gevaar lopen. Men noemt dit 'ernstig nadeel voor de gezondheid van de cliënt'. De hulpverlener geeft de cliënt dan onder dwang vocht of voeding, omdat de gezondheid anders ernstige schade oploopt. Voor deze dwang is er geen maximale duur. Maar de dwang mag nooit langer duren dan nodig is. Deze vorm van dwang valt onder de Wgbo (Art 7:466 BW).

Goede zorg

Goede zorg wil zeggen dat hulpverleners de juiste beslissingen nemen in moeilijke situaties. Daarbij maken zij een afweging tussen het respecteren van de wens van de cliënt en het voorkomen van ernstige schade voor de gezondheid. Als de arts gedwongen vocht en voeding noodzakelijk vindt, mag de cliënt verwachten dat dit zo kort mogelijk duurt. De arts moet de situatie dus voortdurend blijven beoordelen en ernaar streven om zo snel mogelijk te stoppen met gedwongen vocht en voeding.

Wat kan de cliënt doen?

Vindt de cliënt dat hij ten onrechte wordt gedwongen om te eten en te drinken? Dan kan de cliënt dat het beste bespreken met de behandelaar. Probeer te begrijpen waarom de cliënt het niet eens is met de behandeling. De cliënt kan ook contact opnemen met de patiëntenvertrouwenspersoon voor hulp. Andere mogelijkheden zijn een klacht indienen bij de klachtencommissie of een second opinion vragen.

Niet gevonden wat u zocht? Ga naar het contactformulier of bel 0900-1121314 (10 eurocent per minuut), en we helpen u graag verder. We zijn maandag t/m vrijdag van 10.00 tot 16.00 uur bereikbaar.
Document acties
Laatste wijziging: 03-01-2011

Waardeer de inhoud van deze pagina

* verplicht in te vullen
*

*

*
Vul de code in die in de afbeelding staat.