Wat betekent dit voor: cliënt familie professional
professional
Wat kan de cliënt zelf tegen gedwongen medicatie doen?
De cliënt kan de behandelaar vragen of hij met de medicatie mag stoppen. De cliënt kan ook een klacht over dwangmedicatie voorleggen aan de klachtencommissie of een second opinion laten doen.
Bespreken
Wil de cliënt van dwangmedicatie af? Dan kan hij daarover praten met de behandelaar. Probeer te begrijpen waarom de cliënt geen (dwang)medicatie meer wil. Heeft de cliënt bijvoorbeeld last van bijwerkingen? Of vindt de cliënt dat de medicijnen zijn leven te veel bepalen? Bespreek met de cliënt welke alternatieven er zijn. Leg de cliënt uit wat de voordelen en nadelen zijn van de medicatie.
Second opinion of klacht
Wil de cliënt zich niet neerleggen bij de beslissing van de voorschrijvende arts, dan kan de cliënt een second opinion vragen. Een andere psychiater of de eerste geneeskundige onderzoekt dan of hij de dwangmedicatie ook nodig vindt.
De cliënt kan ook een klacht indienen bij de klachtencommissie (art 41 Wet Bopz).
Wijzen op pvp
Wil de cliënt hulp bij het gesprek met de behandelaar of met de geneesheer-directeur, of bij het indienen van een klacht? Wijs de cliënt er dan op dat hij hulp kan krijgen van de patiëntenvertrouwenspersoon (pvp). De cliënt heeft altijd recht op contact met de pvp (art 40a Wet Bopz). De pvp helpt de cliënt bij het schrijven van een brief naar de klachtencommissie, maar kan ook meegaan naar een gesprek met de behandelaar of naar een zitting van de klachtencommissie.
Hoe kan ik de cliënt helpen?
Evalueer regelmatig met uw collega’s of de dwangbehandeling nog steeds echt nodig is om het gevaar te stoppen. Ook kunt u samen met de cliënt en collega’s naar alternatieven zoeken. Probeer waar mogelijk altijd de cliënt hierbij te betrekken. De cliënt houdt bij een dwangbehandeling alle gewone rechten, zoals het recht op privacy en het recht op informatie. Zie er als hulpverlener op toe dat deze niet geschonden worden.
