Wat betekent dit voor: cliënt familie professional
familie
Heeft mijn familielid invloed op een dwangbehandeling?
Bij dwangbehandeling krijgt uw familielid een behandeling die hij niet wil. Dit kan heel beangstigend zijn. Uw familielid mag van zijn behandelaar verwachten dat hij goede informatie krijgt over zijn behandeling, en dat de behandelaar uw familielid zo veel mogelijk laat meepraten en meebeslissen.
Waar gaat het om?
Normaal gesproken moet een cliënt altijd toestemming geven voor een medische behandeling. Bij een dwangbehandeling gelden andere regels. Zonder de toestemming van uw familielid wordt hij toch behandeld. Zelfs als hij zich verzet tegen de behandeling. De behandelaar zal u familielid daarbij zo veel mogelijk grip geven op de situatie, door informatie te geven en ondersteuning aan te bieden.
Informatie
De behandelaar moet van tevoren uitleggen waarom hij de dwangbehandeling nodig vindt. Hij moet ook met uw familielid bespreken wat de alternatieven zijn. Misschien is er een behandeling waar uw familielid wel aan mee wil werken. Uw familielid kan dan aan zijn behandelaar vragen of hij het daarmee eens is.
Start zijn behandelaar met de dwangbehandeling, dan moet hij uw familielid een schriftelijke uitleg geven waarom hij deze behandeling krijgt.
Ondersteuning
De behandelaar moet uw familielid laten weten dat hij de patiëntenvertrouwenspersoon kan inschakelen voor ondersteuning en dat hij een klacht kan indienen bij de klachtencommissie.
Second opinion
Twijfelt u of uw familielid of de behandelaar de juiste behandeling geeft? Dan kan uw familielid vragen om een second opinion (tweede mening). Een andere arts kijkt dan naar de situatie en behandeling van uw familielid. Uw familielid kan een second opinion niet afdwingen, maar artsen werken er wel aan mee.
Let op: Het kan zijn dat de zorgverzekeraar van uw familielid de second opinion niet vergoedt.
Wat kunt u doen?
Help uw familielid om aan zijn behandelaar te vertellen wat zijn wensen zijn, en waarom hij de voorgestelde behandeling niet accepteert. Uw familielid kan samen zijn behandelaar zoeken naar een behandeling die realistisch is en waar iedereen aan mee wil werken. Het kan helpen als uw familielid hier zelf al ideeën over heeft. Lotgenoten en patiëntenverenigingen hebben vaak informatie over de mogelijkheden die er zijn, en over ervaringen met bepaalde behandelingen. De behandelaar kan uw familielid uitleggen of zo’n andere behandeling voor hem geschikt is, of niet.
Geen oplossing?
Komt uw familielid er niet uit met zijn behandelaar? Dan kan uw familielid dit bespreken met de leidinggevende van de behandelaar of een klacht indienen bij de klachtencommissie. De patiëntenvertrouwenspersoon kan uw familielid hierbij helpen.
