Overzicht procedures voor gedwongen opname
Bij een gedwongen opname wordt een cliënt tegen zijn zin opgenomen in een instelling.
In de Wet Bopz staan verschillende procedures om iemand gedwongen op te nemen. Een inbewaringstelling (ibs) is een beslissing van de burgemeester om iemand snel, meestal binnen 24 uur, op te nemen. Een rechterlijke machtiging (rm) is een beslissing van de rechter om iemand gedwongen op te nemen. Dit kan ook op verzoek van de cliënt. Een rm is geen spoedprocedure zoals de ibs en wordt toegepast als er minder haast bij de gedwongen opname is. Bij een voorwaardelijke machtiging moet een cliënt zich aan voorwaarden houden, zodat hij juist niet gedwongen wordt opgenomen. De zelfbindingsmachtiging regelt dat iemand gedwongen wordt opgenomen, maar de behandeling krijgt die hij van te voren met de psychiater heeft afgesproken.
Meer over de procedures leest u in:
- Inbewaringstelling (ibs; bij acuut gevaar)
- Rechterlijke machtiging (voorlopige rm; als het gevaar niet acuut is en rechterlijke machtiging tot voortgezet verblijf: verlenging van de voorlopige rm)
- Rechterlijke machtiging op eigen verzoek (cliënt vraagt zelf om gedwongen opname)
- Voorwaardelijke machtiging (voorwaarden om gedwongen opname te voorkomen)
- Zelfbindingsmachtiging (van tevoren gemaakte afspraken tussen cliënt en behandelaar)
