Informatiepunt dwang in de zorg
Homepage Dwang in de zorg - In opdracht van Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
 
 
 

Hebt u suggesties of opmerkingen voor het informatiepunt Dwang in de zorg? Laat het ons weten via het contactformulier

 
Info

Verslag Algemeen Overleg over dwang en drang

21-04-2011

Inleiding

Tijdens het Algemeen Overleg over dwang en drang in de GGZ spreekt de Minister met leden van de Tweede Kamer. In maart 2011 onderschreven alle partijen, inclusief VWS, de uitgangspunten bij verplichte zorg: 

  • Minimale inzet van dwang en drang in de psychiatrie. 
  • Daar waar onvermijdelijk: zo kort mogelijk. 
  • Als toch sprake is van onvermijdelijke dwang: op basis van goede behandelrichtlijnen en een goede rechtspositie van de cliënt.  

Dit laatste is vastgelegd in zorgvuldige wetgeving (Wet Bopz, straks Wet Verplichte GGZ). 

Betere terugdringing van dwang

De politieke partijen geven signalen dat dwang op dit moment beter teruggedrongen moet worden. Belangrijke aandachtspunten zijn:

  • Ervoor zorgen dat de daling van dwangmaatregelen die een aantal jaren geleden is ingezet, wordt doorgepakt. 
  • De ontwikkelde instrumenten uit de projecten dwang en drang zo borgen dat elke GGZ-instelling een instellingsbreed beleidsplan heeft hoe met dwang en drang wordt omgegaan. 
  • De ontwikkeling van behandelingsrichtlijnen (de aangekondigde multidisciplinaire richtlijn dwang) en veldnormen gaat niet snel genoeg. 
  • De registratie zo implementeren dat je per instelling én landelijk een goed beeld hebt van de dwang en drangtoepassingen. 

Moties

Deze signalen hebben tot drie moties van mevrouw Bouwmeester (PvdA):

  • Ontwikkel en implementeer voor het eind van 2011 behandelrichtlijnen en veldnormen;
  • Maak de gegevens rondom dwang en drang transparanter door aanschrijving van instellingen, beoordeling van jaarverslagen en informatie mee te nemen in de trendrapportage GGZ;
  • Richt een meldpunt in waar patiënten met een ernstige meervoudige problematiek terecht kunnen bij klachten over de zorg of als er geen plaats bij een instelling is.

Reactie van de Minister

Bij de eerste twee moties reageerde de Minister dat deze haar beleid ondersteunen en dat ze sympathiek tegenover deze moties staat. Daarbij is en marge van het VAO wel met Lea Bouwmeester onderhandeld over de gestelde termijn waarop de MDR en veldnormen af moeten zijn. Suggestie van VWS is om de termijn van 2 jaar te hanteren. 

Bij de tweede motie is het proces hoe te komen tot openbaarmaking van de jaarverslagen met Lea Bouwmeester doorgenomen. Daarbij is toegezegd de informatie te betrekken bij de trendrapportage, maar geen aparte trendrapportage gericht op dwang en drang te gaan laten uitbrengen. De uitdaging in deze motie zit in het beoordelen of instellingen voldoende gegevens hebben opgenomen in hun jaarverslagen en welk beeld daar uit naar voren komt. 

De derde motie ligt op het terrein van de Staatssecretaris. Daarover volgt op korte termijn een brief naar de Kamer.  

Terugdringen suïcides

Recentelijk heeft de Minister in een brief geschreven dat ze geen norm meer gaat stellen voor het terugdringen van het aantal suïcides. Ook is recent de meldplicht bij de IGZ herzien. Vanuit de Kamer werd aangedrongen op het voortzetten van de beleidsagenda; daar kon de Minister positief op reageren. Over de norm was ze afhoudend. Over de herziene meldplicht bij de IGZ heeft de SP een motie ingediend. De IGZ heeft een nota opgesteld met de consequenties die er voor de IGZ zijn als de motie wordt aangenomen. Tijdens het debat heeft de Minister deze motie ontraden, omdat het nog steeds mogelijk is om bij de IGZ meldingen te doen van suïcides. 

E-health

Mevrouw Wiegmann ging als enige in op (anonieme) e-health en dat dit wat betreft wetgeving (aanspraak) en bekostiging geregeld moet gaan worden. In die context moeten 113Online en andere online hulpverleners betrokken worden. Ook hierover heeft zij een motie ingediend. De Minister heeft aangegeven dat dit onderdeel is van de reeds aangekondigde innovatieagenda. 

Document acties