Wat betekent dit voor: cliënt familie professional
familie
Hoe lang mag gedwongen medicatie duren?
Gedwongen medicatie mag niet langer duren dan nodig. Als er geen gevaar meer is, moet de gedwongen medicatie stoppen. Een arts bepaalt wanneer dat is.
Regels
Hoe lang dwangmedicatie mag duren, hangt af van de reden waarom uw familielid de medicijnen krijgt.
In een noodsituatie
Dwangmedicatie in een noodsituatie moet stoppen zodra het gevaar voorbij is, en mag maximaal zeven dagen duren. De behandelaar kan uw familielid dus alleen kortwerkende medicatie geven, die maximaal zeven dagen werkt. Na die zeven dagen kan de behandelaar van uw familielid een dwangbehandeling starten als het gevaar nog niet geweken is. De dwangmedicatie moet dan wel in het zorgleefplan zijn opgenomen.
Dwangbehandeling
De wet regelt een aantal dingen rond de duur van dwangbehandeling. Het maakt daarbij uit om welke reden de dwangbehandeling wordt ingezet omdat uw familielid anders te lang opgenomen zou blijven, of om een gevaar op te lossen dat hij in de instelling veroorzaakt. In de eerste situaties kan de dwangmedicatie steeds voor drie maanden verlengd worden; in de tweede situatie geldt geen maximum termijn.
Bij ernstig nadeel voor de gezondheid
Dwangmedicatie is mogelijk zolang er gevaar is voor de gezondheid van uw familielid. Dit gevaar hoeft niet perse te komen door een stoornissen van de geestesvermogens. Er is geen maximale termijn voor deze dwang. Maar het mag nooit langer duren dan nodig is. Als het gevaar er niet meer is, dan moet de behandelaar de gedwongen medicatie stoppen.
Goede zorg
Goede zorg wil zeggen dat hulpverleners de juiste beslissingen nemen in moeilijke situaties. Daarbij maken zij een afweging tussen de beste hulp voor uw familielid, en de veiligheid voor alle betrokkenen. Als de behandelaar gedwongen medicatie noodzakelijk vindt, mag u verwachten dat dit niet langer duurt dan nodig. De arts moet de situatie dus voortdurend blijven beoordelen en ernaar streven om hem zo min mogelijk medicatie onder dwang te geven. Artsen moeten zich altijd richten op een behandeling zonder dwang. Zij kunnen bijvoorbeeld proberen om samen met uw familielid of zijn vertegenwoordiger te zoeken naar passende zorg en eventueel behandeling.
